Loading next dance

Disneyclips.com

Ik schreef even niet. Even geen energie en even geen prioriteit. Ondertussen gebeurde er veel. Daarover schrijf ik deze keer. Dat is sowieso voor het eerst. Dat ik schrijf hoe het nú met me gaat. 

Sinds kort volg ik een interdisciplinaire therapie waarin denken én voelen centraal staan. Best ingewikkeld, voor iemand die vooral op ratio vertrouwt.

Thuis

Eerst even een klein beetje context. Ik werk niet. Al sinds april niet. De paniek is te heftig. In juni deed ik nog een reïntegratiepoging, maar die mislukte al na twee weken. Acht jaar geleden was ik nog op eigen kracht (en met medicatie) uit een paniekperiode gekomen, maar het ging me deze keer duidelijk minder goed af. Wat ik ook deed, ik bleef hangen in de angst. Elke dag hetzelfde liedje. Overleven. Dat houd je best een tijdje vol. Maar niet heel lang.

Na wat heen-en-weren tussen huisartsen, arbo-artsen, praktijkondersteuners, psychologen en haptonomen, trok ik eind augustus een belangrijke conclusie: Dat wat ik dacht te kennen en te kunnen, kan ik niet. Althans, deze keer niet. Met deze hoeveelheid medicatie, met deze hulp, ga ik het niet redden. Het is op. De pijp is leeg.

En nu?

Ik had de eerste stap gezet en om hulp gevraagd. Meer hulp dan ik zou willen. Niet omdat ik me schaam voor hulp, maar omdat ik het eng vind. Er bang voor ben. Omdat het verandering betekent. Omdat het betekent dat ik uit mijn comfort zone moet. Omdat ik de controle uit handen moet geven. Dat doen mensen met angst en paniek liever niet. (Daar komt nog bij dat ik op mijn 19e ooit door een psycholoog met een kluitje het riet in ben gestuurd. Dat helpt ook niet echt.)

Blusvliegtuig

Eerst gingen we brand blussen. En, daar zijn pillen voor bedacht. Mijn dosis anti-depressiva ging een tandje omhoog en ik kreeg er kalmeringspillen bij. Kalmeringspillen! Dat vond ik ingewikkeld. Maar, om met de woorden van mijn huisarts te spreken: ‘Dit is een bosbrand. Die blus je niet met een emmertje water. Daar heb je een blusvliegtuig voor nodig.’ En, terwijl ik me diep van binnen een halve junk begon te voelen, accepteerde ik deze tijdelijke oplossing. En, eerlijk is eerlijk, de ergste brand werd geblust en dat was heel hard nodig.

Na een paar blusvliegtuigen kon ik gelukkig weer vooruit met mijn emmertjes water. Maar, de bosbrand had inmiddels wel erg veel verwoest. Wat overbleef waren de smeulende resten van… ja, van wat eigenlijk? Mijn zelfvertrouwen? Mijn ruggengraat? Mijn innerlijke rust? Ik denk een combinatie van die dingen. Zo wordt ineens pijnlijk duidelijk wat een angststoornis met je doet.

Ondertussen zocht ik met hulp van mijn praktijkondersteuner naar de juiste hulp. En die vond ik, in de vorm van een gespecialiseerde tweedelijns GGZ-instelling (PHI in Eindhoven) dat een intensief en interdisciplinair therapietraject aanbiedt voor mensen met angsten, depressies, en psychosomatische klachten. Bijzonder is de aandacht voor hoofd én lijf, voor denken én voelen.

Denken en voelen

Juist die combinatie sprak mij heel erg aan. Ik begin me namelijk steeds meer te realiseren dat ik mijn angst en paniek jarenlang met mijn hoofd heb ‘opgelost’. En zodra mijn lijf andere signalen gaf, redeneerde ik die weg. Want, dat gevoel, en dat lijf, met die idiote angstepisodes, daar kon ik niet zoveel mee. Daar had ik geen vertrouwen in. Mijn oplossing was ratio.

Maar, zodra angst en paniek het overnemen, dan heb je niets aan je ratio. Sterker nog. Dan wordt het een gevecht. Terwijl je lijf op hol slaat, roept je hoofd steeds: ‘Nee! Ho! Stop! Er is niks! Je kunt dit! Je kon dit eerder! Accepteer het! Kom op! Het is tijdelijk! Geef je niet over!’ Doodvermoeiend. Maar, dit was de enige manier die ik kende. Weerstand bieden. Sterker zijn dan de angst en paniek.

Fundering

Ratio heeft me ver en veel gebracht, maar, ik concludeer nu dat het voor mij geen duurzame oplossing is. Want ik ben, ondanks harde buitenkant, toch vooral van de extreem gevoelige soort. En daarmee blijft er ondanks die, soms prima werkende, rationele oplossingen iets knagen. Gevoelsmatig blijft de boel wankel. Alsof je een huis zonder fundering bouwt, eigenlijk. Dus, therapie, waarin het denken en voelen centraal staat, dat leek me wel wat. 

19 weken

Concreet zou het betekenen: 19 weken behandeling, een paar keer per week, met een persoonlijk en interdisciplinair behandelteam, bestaande uit een psycholoog cognitieve gedragstherapie, een psycholoog psychosomatiek en een fysiotherapeut. (En op afstand kijken er nog een psycholoog, een psychiater en een soort opperpsycholoog mee.) Daar kreeg ik het wel even warm van, kan ik je zeggen. Heel warm!

Het duurde drie weken voor ik een kennismakingsafspraak durfde te plannen. Ik wist echt even niet of ik dit aan zou durven. (Maar, zoals mijn praktijkondersteuner zei: ‘Voor dit soort dingen is het nooit het juiste moment.’) Uiteindelijk durfde ik, gelukkig maar!

Na inschrijving volgde er een slopende intakeprocedure van vijf (!) afspraken. Om een diagnose te stellen en om te kijken of zij de juiste hulpverlening in huis hebben voor je klachten. Ik heb mezelf nog wel 30 keer afgevraagd of ik dit moest doen, maar ik zette door. En gelukkig mocht ik beginnen. Godzijdank. God. Zij. Dank. 

Op dansles

Inmiddels zitten we in week drie en heb ik al mijn behandelaren gezien. Het gaat nu echt beginnen. De ene keer voelt het als een bevrijding en de andere keer vraag ik me af waar ik in godsnaam aan begonnen ben. Want, in dit traject gaat de onderste steen boven. En dat kan alleen maar slagen als je je daar voor de volle 100% voor open stelt. Als je de touwtjes laat vieren. 

De komende tijd brengen de beer en ik veel tijd met elkaar door. We leren een nieuwe dans. De moeilijkste dans die we tot nu toe deden. 

9 antwoorden op “Loading next dance”

  1. Waar anderen de woorden niet kunnen vinden breng jij dit op een manier tot ons waar ik zo veel respect voor heb! Ik ben er van overtuigd dat je een mooie dans zal neerzetten met die beer. Ik ben er nog stil van…
    Heel veel succes!

Geef een reactie